Het was onvermijdelijk. Ik raakte de bodem van het glas dat ik al zo lang uit alle macht halfvol probeerde te houden. De Omstandigheden persten alle Lucht uit mijn longen. Ik kon hier niet veel meer dan mijn Mijmeringen en Zegeningen en mijn - godzijdank - onverwoestbare enthousiasme over mijn werk delen.
Bijkomstigheid van een Openbaar Online Leven is dat dat opvalt. Dat er iets is. Dat ligt dan zo op straat. Voorzichtig informeert er eerst eens iemand hoe het met de Zaak gaat (goed!) of ik nog steeds tevreden ben over mijn besluit (ja!), waar ik zoal mee bezig ben (leuke dingen!). En uiteindelijk komen de Zorgen. Per mail, per tweet, live, per post.
Gaat het wel?
Mijn Online Leven was ineens een steen op mijn maag.
Nee, het gaat niet.
Maar je begrijpt vast dat ik daarover - omwille van mijn naasten en mijzelf - hier de verdere details niet kan delen.
Gister scheen de zon en verliep het werk voorspoedig. Dus vond ik tussen de middag de Tijd om me met een broodje in een warm en windstil hoekje van de tuin te installeren. De ongeopende post van de afgelopen dagen op schoot. Twee zachte, warme katten aan mijn voeten. De puinhoop in mijn hoofd.
Toen ik omhoog keek naar de knalblauwe lucht drong ineens
de grootste Zegen tot me door: Ik ben niet alleen! Het besef dat Het Online Leven me juist zoveel geeft.
Het opbeurende filmpje van haar, het allerschattigste vogeltje met dito kaartje van haar, de Uil die ik al zo lang zocht, zij die mij - ondanks hectiek in haar eigen leven - steeds met de nodige humor en daadkracht verder vooruit helpt en in korte tijd een dierbare vriendin werd, haar zo oprechte interesse, haar lieve, onverwachte briefjes en nog zoveel meer. Mijn digitale vrienden in mijn Online Leven. Ik ben ermee omringd en voel me ermee gezegend. Samen met mijn (ook heel zorgzame) vrienden en familie in het echte leven.
Het geeft me Moed.
Voor een nieuw Avontuur. Dat - of ik wil of niet - op het punt staat aan te vangen. Waar ik met knikkende knieën aan begin.


















































